Amhen-for-gambia.jouwweb.nl
Welkom » Het dagelijks leven

 

Naar het toilet gaan:

Wie enkele dagen een compound bezoekt en daar dus even "leeft" zoals de lokale bevolking dat doet, beschikt zeker niet over alle luxe die men in een hotel wel vindt. Dat ervaar je als je je behoefte wilt doen. Een wc is namenlijk vrijwel altijd gewoon een klein gat in de grond. Dat betekent dus goed mikken en met veel water naspoelen. Maar het betekent ook sterke beenspieren kweken, omdat je boven zo´n gat staat in een soort bukhouding en je benen het werk moeten doen. In sommige luxere huizen vindt je al wel een gewone toiletpot, maar die kun je meestal niet doorspoelen met een druk op de knop. Een emmer met water moet dan je behoefte doorspoelen. En dat water moet dan eerst weer opgepompt worden.

 

Jezelf wassen:

   

Als je enkele dagen op een compound verblijft, word je ook direct geconfronteerd met de basale omstandigheden. Het dagelijkse wasritueel doe je daar namelijk met één emmer water. Als je slim bent, neem je een extra bakje mee. Want doe je dat niet en ga je aan de slag met shampoo, en spoel je vervolgens je haar uit. En sja dan sta je daar en is goede raad duur. Want er is maar één emmer met water, dus als je die helemaal over je hoofd gooit is al het water op en de de wasbeurt over. Daar komt dat extra bakje dus van pas. Daarmee kan je namelijk je haar uitspoelen. Maar op het moment dat je daar zonder bakje staat, kan dat natuurlijk niet. De enige oplossing die er dan is, is om je hoofd dan maar in de emmer te stoppen. Zo heb je je haren uitgewassen en nog water over om de rest mee te wassen.

 

Huishoudelijk werk :

Het leven in Gambia is niet zoals in Nederland. Stofzuigers, wasmachines of een fornuis dat op gas loopt..... de dames in het land dromen ervan, maar kunnen het niet betalen. De vloer wordt geveegd met een bundel stokjes, er zijn geen wasmachines en de was wordt meestal volledig met de hand gedaan. Het water dat wordt gebruikt, wordt opgepompt bij een waterpomp of met een emmer opgehaald uit een geslagen waterput. Het water is koud. De vrouwen zijn echt uren bezig en gebruiken een bijzondere techniek om de kleding heel schoon te maken. Want reken maar dat de meeste Gambianen in heel schone kleding lopen. Er wordt een soort vet gebruikt en het blauwe poeder (poppetje blauw)  zoals onze grootmoeders dat ook gebruikten bij de was. En daarna is het kneden en wrijven, spoelen en uitwringen geblazen.

 

Koken: 

Het koken, dat toch iedere dag weer moet gaan gebeuren, duurt lang. Heel erg lang. Er wordt namelijk buiten gekookt of er is een apart optrekje, waarin het vuur wordt opgeport en er wordt gekookt op houtskool. Dat wordt aangestoken, en dan wordt er een soort pot bovenop geplaatst. Daarin komen dan de ingrediënten voor de maaltijd. Er wordt bijna altijd rijst gegeten en het koken daarvan duurt lang. 

 

 

Voordat het overigens zover is, moeten de dames eerst naar de markt om inkopen te doen. Rijst, uien, tomaten of tomatenpuree en maggiblokjes vormen de voornaamste ingrediënten voor elke maaltijd. Is er genoeg geld, dan wordt er ook vis gekocht. Die vis moet nog ontdaan worden van ingewanden. Allemaal handwerk. Vaak wordt een kruidenmengsel gemaakt dat tot een soort papje wordt gestampt in een grote pot. Wie maar weinig geld heeft, doet het zonder vis of gebruikt gedroogde vis. Die laatste ruikt en smaakt vaak vrij penetrant, maar het geeft wel eiwitten.

 

 

Per dag worden twee warme maaltijden bereid. Soms in de ochtend ook nog warme pap. De dames beginnen al in de ochtend aan de lunch die rond half 3 wordt opgediend. Voor velen is dit de hoofdmaaltijd, voor sommigen zelfs de enige dagelijkse maaltijd. De tijd die daar tussen zit, is ook echt wel nodig om het eten te bereiden. De avondmaaltijd wordt direct na de lunch alweer gemaakt en zo rond acht uur gegeten. De vrouwen van Gambia zijn dus eigenlijk de hele dag aan het koken. Mannen koken eigenlijk niet. En wie een vrouw uitzoekt die niet goed kan koken is een schande voor de hele familie, want die moet er wel van eten, zo werd ons verteld. 

 

 

In de meeste maaltijden wordt ook nog een pepertje meegebakken. Die gaat heel in het vet en wordt dan op de complete rijstschotel gelegd. Die rijstschotel is voor iedereen. De bewoners van een familie zitten allemaal op de grond of aan een tafel rond de schotel en iedereen pakt met de handen wat rijst en wat er verder te eten valt. Daarvan wordt heel; handig een balletje gevormd en dat stop je dan in je mond, bestek wordt niet gebruikt. De man of de oudste vrouw verdelen het evt aanwezige vis of vlees. Er wordt van de buitenrand naar het midden van de schotel toe gegeten. Gambianen eten over het algemeen snel. Dat zijn ze gewend, omdat wie het snelste eet, ook het meeste krijgt. Voor ons Nederlanders is dat wel eens wat vreemd om te zien, maar vanuit de gedachte dat er altijd te weinig is, wel begrijpelijk. Mannen en vrouwen eten overigens ook vaak apart.

 

 

Dit filmpje laat zien wat kinderen naast hun school zoal moeten doen in het huishouden.

Zoals je ziet worden zij flink ingezet in de dagelijkse klussen.

*** Een dag uit het leven van Fatu ****